Vrij Willig Vrouw
Vanaf de eerste dag dat ik op eigen benen de maatschappij in liep, heb ik betaald en onbetaald werk gedaan. Want ik ben een vrouw. Wat dat betekende heb ik vooral ontdekt in mijn maatschappelijk leven. Daar leerde ik dat als ik wilde doen wat ik vond dat ik moest doen dat dat voor groot deel niet betaald werd. Want ik was een vrouw. Veel van mijn werk zag niemand. Ik verdiende mijn geld in de zorg als verpleegkundige aan, in en ver van het bed. Voor veel van mijn activiteiten werd ik gevraagd. En dan kreeg ik niet betaald. Dat vond iedereen heel normaal.
Desalniettemin liet ik mij daardoor niet weerhouden en heb ik afgelopen 42 jaar een boeiend maatschappelijk leven geleid wat mij op mooie plekken heeft gebracht. Het hield mij van de straat al bleef ik een diepe liefde voor de straat houden. De paradijsvogels die tevoorschijn komen als de rest van ons probeert een grijze duif te zijn om maar gezien te worden als respectabel. Als er iets is wat ik nooit heb gezocht in de wereld is respect. Dat eiste ik enkel van mijn mannen met wie ik bed en/of huis en haard deelde. Wat ik wel zocht was een mooie kleurrijke wereld. Je moet er oog voor hebben, vertrouwde een oude fietsenmaker mij ooit toe. Hij liep iedere ochtend de opgaande zon tegemoet en leerde mij dat dat veel mooier was dan zon te zien ondergaan. Helaas ben ik te lui om er voor op te staan maar bij het wakker worden, denk ik er nog vaak aan.
Wie ben ik als niemand kijkt, vroeg een gepensioneerde professor zich af die een, best wel dure, zomercursus gaf die ik nieuwsgierig volgde afgelopen voorjaar. In haar boek las ik dat ze dacht dat ze niets was als niemand keek en dat je daarom altijd vooral maatschappelijk actief moet blijven wat tegenwoordig “in verbinding staan” heet.
Ze ontdekte dat ze niets meer was omdat ze geen plek meer had buiten het huis. Niet meer gevraagd werd, niet meer naar haar werk moest en door COVID ook niet naar haar moeder en kleinkinderen kon. Toen schreef ze maar een boek. Om gezien te worden en nu kon ze weer cursussen geven op de Hoge school voor oude mensen. Ik zat in een zaal vol oude vrouwen. Ik viel niet op. Behalve dan dat ik niet leek op de in figuur-corrigerend ondergoed en blauw bovenkleed gepropte ex-stewardessen of keurige dames uit plaatsen als Bilthoven met kleding met een Scandinavische accent. De professor vertelde dat ze iedere keer voor een college naar de kapper ging. Ik heb daar geen oog voor. Ik zag enkel een grijze duif met ergens een belofte van kleur. Zij had mij met haar boek nieuwsgierig gemaakt want waarom denken inmiddels ook vrouwen (na de depressieve mannen uit mijn jeugd die op hun 55e in de VUT moesten om de jongens van mijn generatie aan werk te helpen) dat ze niemand zijn als ze geen maatschappelijke positie hebben? En hoe komen ze er op dat ze die ooit echt gehad hebben? En waarom zien ze niet wie ze ook zijn, juist als niemand kijkt? Ben ik wel een echte vrouw, vroeg ik mij vervolgens af omdat ik mij niet herkende in de professor, haar boek en helaas ook niet in het college. Omdat, zeg maar, degene die je bent als niemand kijkt toch eigenlijk je beste innerlijke vriendje of vriendinnetje is. Om een beetje in het jargon te blijven van al mijn, duidelijk in psychologie geïnteresseerde studiegenoten. Na de de familieopstellingen en de stiltewandelingen duidelijk op zoek naar nieuwe verbindingen liefst zinvol. Maar hoe dan? En met wie? Mogen we daar als oude vrouwen niet inmiddels een beetje kritischer in worden? Gewoon omdat we het verdiend hebben met alles wat we gedaan hebben zonder dat het ons gevraagd werd, waar we niet voor betaald werden en waar we eigenlijk helemaal geen zin in hadden ook al had het zin en moest het gebeuren en, ok, kregen we er heel veel voor terug. Mooie woorden vooral. Over respect enzo.
Maar op die vragen kreeg ik geen antwoord. Dus ik ben halverwege afgehaakt. Het was ook veel te heet, ik lag liever op het strand. Op een zo leeg mogelijk strand trouwens. Want daar ziet niemand mij maar nog fijner: ik hoef ook niet naar anderen te kijken. Ik kan lekker vrij doen en willen waar ik zin in heb. Daarom ben ik dus mijn hele leven al vrijwillig mezelf. En het maakt mij eigenlijk geen bal uit wie het ziet. Als ik het zelf maar zie. Met dank aan de oude fietsenmaker in Oostkapelle. Die het ook zag.
Siska de Rijke, september 2023





